image_pdf

Kuur 1 van 5

De eerste twee dagen chemo (cisplatinum en etoposide) vallen goed mee. Ook voor de chemo was Britt erg zenuwachtig. Ze had het idee dat ze zou kunnen voelen hoe de ‘chemo-Kaspers’ haar kankercellen te lijf gaan. Dat is natuurlijk niet zo en dat leek haar wat gerust te stellen. Ze was wel misselijk, maar met medicijnen werd dit onderdrukt. Ze had zelfs zin in een potje pingpong in de hal! Echt trek in eten heeft ze echter niet meer.

En vrijdag is het anders. Ze voelt zich niet echt misselijk maar ze spuugt ieder uur. De laatste truc van de artsen is om Britt een zetpil te geven waar ze zo suf van wordt dat ze dwars door haar misselijkheid en spuugreflex heen slaapt. Dat helpt een beetje. Ze drinkt eigenlijk niet meer. Ze eet niet meer. Ze is moe en lusteloos. Maar tegenover de verplegers en verpleegsters houdt ze zich groot. Dat vindt ze ondanks alles nog altijd heel belangrijk. Wat een dapper ding is het toch.

Zondag is de kuur afgelopen. En zowaar probeert Britt weer wat te eten. Dat valt niet goed. Ook maandag probeert ze weer eens wat uit (cheezzdippersss), maar ook dit blijft niet in de maag. Dinsdagochtend gaat ze voor koude cola en een snee witbrood met boterhamworst. Ze eet een halve snee en ja, die blijft erin. Zet ‘m op meidje.

 

Slecht nieuws

Zondag kregen we te horen dat Britt een kwaadaardige tumor heeft. Wat een schok. In een waas pakten we een koffer in en vroeg in de avond reden we naar het ziekenhuis in Nijmegen. Daar kreeg Britt een tijdelijk infuus en werd er bloed afgenomen. Ze bleef keurig stil zitten voor de prik en iedereen vond haar superstoer. Het bloed werd snel bekeken of er wellicht bloedarmoede is en of de functie van de overige organen nog wel normaal was. De bloedwaarden bleken prima en haar organen zaten kennelijk niet in de knel. Maandag kreeg ze een uitgebreide echo. Ook haar plas werd onderzocht. De uitslag was dat Britt met zekerheid kanker heeft en wel een neuroblastoom. Britt vond het allemaal wel prima. Het doorspoelen van het infuus in haar hand vond ze ‘best wel irritant’, maar verder speelde ze dat het een lieve lust was. Britt kreeg ook nog een MRI-scan. Ook dat was voor Britt een peuleschil. Als er iets is wat Britt heel goed kan, dan is het stil zitten of liggen. Net een standbeeld. Echt knap.

Vrijdag 7 februari was een spannende dag, of eigenlijk een rotdag. Britt kreeg deze dag eerst een MIBG-scan. Ze kreeg een dag van te voren in haar infuus een licht radioactieve stof ingespoten die zich hecht aan de neuroblastoomcellen. Zo kunnen eventuele uitzaaiingen in beeld worden gebracht. Vroeg in de middag volgde ook nog een operatie. Daar was Britt toch wel heel zenuwachtig voor, hoewel ze tegenover de artsen en verpleging bleef volhouden dat ze het allemaal niet zo spannend vond. Er werden tijdens die operatie drie verschillende dingen gedaan: 1) een punctie van de tumor; 2) een ‘lange lijn’ aanbrengen; 3) een bot/beenmerg-biopsie.

De tumor moet onderzocht worden. De ene neuroblastoom is namelijk de andere niet. Het is belangrijk te weten met welke variant Britt te maken heeft. De lange lijn is eigenlijk een dubbel infuus die werd aangehaakt op een ader die naar het hart toeloopt. Via deze lange lijn kan men eenvoudig bloed afnemen voor nader onderzoek, maar ook medicatie en vloeistof toedienen. De biopsies van het bot waren om te kunnen bepalen of hier uitzaaiingen zijn. Een neuroblastoom zaait zich vaak uit en dan het liefst in bot. Al deze tests en onderzoeken onderging Britt om te kunnen bepalen in welke stadium haar kanker zich bevindt. Er worden voor neuroblastoom vier stadia onderscheiden. De eerste drie stadia laten zich goed behandelen (dat wil zeggen er is een goede prognose). Het vierde stadium is minder goed nieuws. In dit stadium is de kanker uitgezaaid en ook al is de kanker behandelbaar, de kans dat de rotzak na behandeling terugkeert is relatief groot.

Na dagen van spanning leerden we dinsdag 11 februari dat de kanker van Britt een stadium 4 neuroblastoom is. Vanuit haar linker bijnier is een flinke tumor gegroeid en die heeft zich weten uit te zaaien naar haar botten en beenmerg. We hadden er al wel rekening mee gehouden, maar het was toch weer een klap in het gezicht, een stomp in de maag. De specialist stelde voor om het Britt nu ook te vertellen. Britt luisterde aandachtig en stelde een paar hele slimme vragen. Ze wist de specialist ook te vertellen dat ze eigenlijk al een beetje weet wat kanker is: ‘Nou, dan kun je heel erg ziek worden. En je kunt ook doodgaan.’ Ze beseft dus dat ze echt heel erg ziek is, maar ze heeft er nog geen traan om gelaten. Zeker niet in het bijzijn van de verpleging of de artsen. Ze weet ook dat ze nu eerst chemokuren moet ondergaan om beter te kunnen worden, maar ze kijkt er niet echt naar uit. Ze wil niet misselijk worden en vindt het erg naar om kaal te worden. Natuurlijk. En hoe onwerkelijk.

 

Britt ligt klaar voor haar MIBG scan
Britt ligt klaar voor haar MIBG scan